Zacht rozig glanst het strijklicht op de voren
waar golf na golf van moddervette klei
op ‘ t leven wacht, dat ergens zo rond mei
op de nu doodse akkers wordt geboren.
Nu zijn het slechts wat duiven die, verloren
in alle weidsheid zoeken, rij na rij
naar wat van vorig jaar nog bleef, en blij
na elke vondst hun roe-koe laten horen.
Hoe lang nog zal dit beeld blijven bestaan?
Wanneer groeit hier beton in plaats van spruiten?
Wanneer zal hier de laatste vogel fluiten,
de leegt’ in Vinexwaanzin ondergaan ?
Een duif of een projectontwikkelaar?
Ach wie er wint is nu al zonneklaar…